|
|
eigen hersenspinsels en zielekronkels
Gepost door Stefaan
op 04-03-2010
Gisteren ben ik naar de 'last lecture' geweest van professor Marc Buelens, Doctor in Industrial Psychology, en gewezen docent management aan de Universiteit Gent en aan Vlerick Leuven Gent Management School. De activiteit werd georganiseerd door Voseko, de Alumnivereniging van de economiestudenten Gent.
Het onderwerp "Waarom slimme managers... en bankiers soms domme beslissingen nemen", ontaardde al snel in de theorie van de animal spirits, en was dan ook bijster interessant. Deze theorie begon - zoals zoveel - bij John Maynard Keynes, die in 1936 het begrip 'animal spirits' lanceerde om aan te geven dat heel wat beslissingen veroorzaakt worden door haast spontane krachten. Spontaan optimisme en pessimisme veroorzaken effecten die de gehele economie bepalen. In 2009 werd deze theorie terug in de actualiteit geplaatst door het boek 'Animal Spirits' van George A. Akerlof ( nobelprijswinnaar economie) en Robert J. Shiller.
Er worden vijf animal spiritis onderscheiden.
Vertrouwen is de rode draad doorheen de economie. Consumentenvertrouwen, vertrouwen in de bankiers, vertrouwen in de ratings van Moody's. De golf van vertrouwen zwelt almaar verder aan, groeit spontaan, begeestert de economie, en doet mensen dingen doen die ze achteraf gezien beter niet hadden gedaan. Leuk was dat gisteren het voorbeeld van de overrating van verpakte producten werd meegegeven door ratingbureaus zoals Moody's, waarover ik mijn vorige blogtekst heb geschreven. De tweede animal spirit is de fairheid of rechtvaardigheid der dingen. Alles moet fair zijn, of zal niet zijn. Van zodra de toplonen toch te hoog worden, beginnen de anderen te morren. Ook deze 'spirit' begeestert de economie. Stel dat je gevraagd wordt wat je wil betalen voor een stuk chocola. Je antwoordt 5 euro. Dan zal blijken dat je dit wel zal willen betalen als je hoort dat de lat chocola uit de Leonidas - winkel komt waar hij 3 euro kost, en niet wanneer je weet dat de chocoladelat uit de Aldi komt, waar hij maar 0,5 eurocent kost. Let dus op hoe men iets verkoopt, want verkooptrucs met vergelijkingen leiden tot irrationeel koopgedrag.
De derde animal spirit, corruptie en anti-sociaal gedrag spreekt voor zich. Ratingbureaus die hun inkomsten - die ze vooral ontvangen vanwege die instellingen die ze raten - het laatste decennium spectaculair hebben zien stijgen, zullen hun ratinggedrag vaak aanpassen aan een gewenste verdere evolutie van die inkomsten.
Geldillusie, of fouten die mensen maken bij de beoordeling van geld is de vierde animal spirit. Te vaak wordt een concept zoals inflatie miskent. De mens denkt vooral nominaal.
De laatste animal spirit is die van de verhalen. Verhalen bepalen de economie. Het verhaal van de internetboost, het verhaal van Lernout & Hauspie, de verhalen van Jean-Pierre Van Rossem, de verhalen van de politieke leiders, de verhalen van de gekende beursspeculant George Soros ...
Deze vijf animal spirits - of de vijf psychologische drijfveren die het economisch handelen bepalen - zetten mensen aan tot ondoordachte handelingen.
Meer nog, hedgefondsen, ratingbureaus, beleggingsadviseurs, verkopers, politici, ze maken er allemaal goed gebruik van, en tonen zo ook aan dat ze wel degelijk bestaan.
De kunst is dan ook om er zich ten eerste bewust van te zijn, en ten tweede ze te ontwijken.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 26-02-2010
AND WHO WILL RATE THE RATINGS?../ Enkele impressies uit de kranten van deze week doen de wenkbrauwen fronsen... "Standard and Poor's en Moody's deden de vertrouwenscrisis rond Griekenland opnieuw oplaaien. Beide ratingbureaus dreigden ermee de kredietrating van het Zuid-Europese land verder te verlagen als de regering haar financiële huishouden niet op orde krijgt." (De Tijd, 26 februari 2010) "Begin deze week steeg het renteverschil tussen Griekenland en de andere eurolanden fors nadat het Ratingagentschap Fitch de kredietrating van de grootste vier banken had verlaagd, wat een uitstroom uit Griekse obligaties met zich meebracht." (De Tijd , 24 februari 2010) Ook in Spanje rommelt het. Een begrotingstekort van 11,4% in 2009, en de maatregel van Zapatero die de pensioenleeftijd optrekt van 65 tot 67 jaar, ontlokt niet alleen een massaal vakbondsprotest uit, maar ook de uitspraak van de secretaris-generaal van de OESO, Angel Gurria dat volgens hem de ratingbureaus de situatie op de voet volgen... (De Tijd, 24 februari 2009). Gaan we wat verder in de tijd terug dan vinden we berichten in de zin van : "Moody's geeft Portugal gele kaart.'-"Ratingkantoor Standard & Poor's maakt zich zorgen om Brusselse begroting."-"Moody's : VS kunnen triple A rating verliezen." Kan u nog volgen? Wat is een rating? Wie zijn die ratingagentschappen dat zij een land kunnen dwingen dieper te snijden in de uitgaven of de belastingen te verhogen? Welk een macht kunnen zij tentoon spreiden ten aanzien van ja zelfs de machtigste landen? Wie controleert hen? Who will rate the ratings? Kredietratings zijn scores die door ratingburaus of -agentschappen gebruikt worden om het risico te duiden in welke mate een bedrijf, een land, aangegane leningen niet meer zou kunnen terugbetalen. Een AAA rating bijvoorbeeld garandeert de belegger een risico van quasi nul dat hij zijn geld niet terug zal zien, een D-rating daarentegen .... Ratingbureaus zijn privéondernemingen, waarvan de bekendste Standard & Poor's, Moody's en Fitch, zijn. België bijvoorbeeld krijgt van S&P een AA+ rating, een niveau net onder het hoogst mogelijke niveau van rating, omdat wij met een grote schuld kampen ... maar al bij al dus niet zo slecht. Je kan ratings vergelijken met de Michelinsterren voor restaurants. Nu, wat is daar mis mee? Wel, heel wat .... Het hoeft geen betoog dat ratingagentschappen een enorme macht hebben. Een ratingverlaging kan enorme gevolgen hebben voor een onderneming, een land. Vaak gerechtvaardigd, en het kan de onderneming, het land aanzetten om maatregelen te nemen. Maar de vraag is wat bijvoorbeeld het nut van een ratingverlaging voor Griekenland is geweest, behalve een versnelling en versterking van de negatieve spiraal waar het land al in zat. Bovendien maakt dit het onmogelijk voor deze landen een strategie van heropleving in gang te zetten, getuige onderstaande passage uit de Tijd van 26 februari : "Griekenland ziet zijn plannen om deze week cash op te halen doorkruist door enkele kritische rapporten van de ratingbureaus S&P en Moody's." Daarnaast beschikt een ratingbureau over de mogelijkheid om spontaan ratings te publiceren, uit eigen beweging dus, zonder dat dit is overeengekomen met het land. Wil men zich verzetten tegen publicatie dan kan men een veto stellen daartegen, met als gevolg dat de rating-agentschappen dan eenvoudig melden dat de betreffende klant een veto heeft gesteld tegen een publicatie, wat neerkomt op het verlagen van een rating. Ratingbureaus kunnen zich ook vergissen. Algemeen wordt nu aangenomen dat ze de rommelkredieten, een duistere speler in de huidige financiële en economische crisis, foutief hadden ingeschat. Een veel te positieve rating zorgde voor het enorme succes van deze kredieten, en een toedekking van hun ware aard ... verpakte en doorverkochte leningen (effectisering). 
Was het een vergissing? Of ... is er nog iets anders ...
Jawel, de structuur en werking van de bureaus ... De bureaus worden betaald door de emittenten van effecten waarvoor zij een rating moeten geven. Dat ruikt naar belangenvermenging, en kan een verklaring bieden voor de stelselmatig hoge ratings voor rommelproducten. Daarnaast geven de meeste ratingbureaus naast quoteringen, ook vaak advies aan de bedrijven die ze beoordelen. Of om dit alles anders te stellen : "wiens brood men eet, ..." Ratingbureaus wordt ook verweten dat ze achter de feiten aanhollen. Toen zich problemen stelden in de vastgoedmarkt in de VS, werden de ratings pas aangepast wanneer al tal van betalingsmoeilijkheden zichtbaar werden. We weten allemaal dat de Griekse tragedie al algemeen gekend was, maar pas echt een doorbraak kende wanneer Fitch eind vorig jaar de rating voor Griekenland verlaagde. Tegenwoordig pakken de ratingbureaus het dan ook anders aan, en ze lanceren negatieve of positieve verwachtingen, de zogenaamde warnings. Een voorbeeld : "Moody's waarschuwde gisteren dat het 'over enkele maanden' de kredietrating van Griekenland kan verlagen als het land zich niet aan zijn loodzware saneringspan houdt." (De Tijd, 26 februari 2009) ... is dit niet enorm verregaand? Tot slot, de manier waarop ratingbureaus hun ratings opmaken is ondoorzichtig. Wordt er dan niets aan gedaan? De grootste ratingbureaus zijn Amerikaanse privéondernemingen. In de VS bestaat niet echt regelgeving (op een code of conduct na, en De Rating agency Act van 2006 die een vorm van registratie invoert) , en het uitbrengen van ratings wordt aanzien als het uitbrengen van een visie, en valt onder de noemer vrije meningsuiting. In Europa daarentegen, heeft men, als reactie op de perverse rol van de ratingagentschappen in de crisis, eind 2009 wel een verordening aangenomen. Deze verordening verplicht alle ratingbureaus die in de EU willen werken zich te registreren en te voldoen aan enkele regels inzake transparantie- en rapportageverplichtingen, belangenconflicten en kwaliteit. Ondernemingen mogen alleen gebruik maken van ratings afgegeven door in Europa gevestigde en geregistreerde bureaus. Ratings afgegeven in een derde land kunnen echter bekrachtigd worden mits ze aan diverse voorwaarden voldoen. Een stap in de goede richting, maar S&P, of Moody's zullen nog steeds spontaan ratings aan landen kunnen geven en deze kunnen verlagen of verhogen wanneer dit in hun visie nodig zou blijken te zijn. Een evolutie om op te volgen .... Stefaan De Vos 26-2-2010
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 29-01-2010
BEGROTINGSBELEID GENT LEGT HYPOTHEEK OP TOEKOMST../
"Paars in Gent gaat zelfde weg op als paars beleid van Verhofstadt." Deze bijdrage gaat alweer over het immens interessante onderwerp 'begroting'. Deze blog-bijdrage volgt eigenlijk perfect op mijn vorige tekst. Waar ik in mijn vorige bijdrage de federale begroting ten tijde van paars kritisch tegen het licht hield, wil ik u nu graag meenemen in de wondere wereld van de Gentse begroting. ... de watertoren is lek ... Eind december 2009 werd de begroting 2010 goedgekeurd, en gelijktijdig daarbij een meerjaren simulatie voor de tweede helft van deze legislatuur. Een blik op deze begrotingen toont ons het volgende. De Gentse begroting kent een structureel tekort. Elk jaar is het saldo van het eigen dienstjaar negatief. Eind deze legislatuur zal dit tekort bijna 2,5% van de Gentse begroting bedragen. Door een zekere cosmetica, wordt dit elk jaar minder zichtbaar gemaakt door een afroming van overgedragen overschotten van voorgaande jaren (de zogenaamde watertoren ... ), echter, in 2013 komen deze reserves uit voorgaande jaren op 0 (... die lek is), en start de volgende ploeg, met een structureel tekort. In het beste geval kan nog een andere reservepot worden aangesproken - het gewoon reservefonds - waarmee de nieuwe ploeg het structureel tekort nog met een 6 miljoen euro zal kunnen ondervangen, maar deze reservepot dient eigenlijk voor het uitbetalen van schadedossiers. Deze reservepot werd trouwens gehalveerd om een extra schuldaflossing te kunnen doorvoeren. Goed nieuws zou je dan denken ... in 2010 put de stad ruim 13 miljoen euro uit het gewoon reservefonds voor schuldafbouw. Maar het andere verhaal : de verdere schuldopbouw, daar is men eerder karig over naar informatie toe. Nochthans in 2011 neemt de schuldlast weer toe van 34,5 mio euro tot 53,5 mio euro, een niveau sinds lang nog nooit zo hoog. De jaren nadien worden steeds weer nieuwe leningen voorzien om de investeringen te kunnen financieren, waardoor dus ook de leninglasten zullen stijgen - alweer een hypotheek op de toekomst. Daaraan gekoppeld, valt het op dat de financiering van de Buitengewone Dienst (de investeringen dus) steeds maar meer op extra leningen teert. Waar het aandeel van de leningen in de financiering van de investeringen in 2010 een dikke 50% bedraagt, bedraagt dit aandeel in 2013 maar liefst 82%. De volgende regeringsploeg zal dus geconfronteerd worden met een negatief structureel saldo, en zal onmiddellijk structureel moeten ingrijpen. Men zal vaststellen dat men dit negatief saldo niet meer zal kunnen ondervangen door de 'watertoren' en dat de reserves in het gewoon reservefonds dienend voor schadeclaims, ook is uitgeput. Daarenboven zal de nieuwe ploeg vaststellen dat de leninglasten alleen maar fundamenteel toenemen, en het opzetten van nieuwe investeringen de leningslasten nog meer zullen bezwaren. De gelijkenis met vorige analyse (zie mijn blog) is schrijnend. En 't zogezegd goed beleid ... was goon vliegen Al mee de wind
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 20-01-2010
DE ZAAK ALZHEIMER II../
"Met in de hoofdrollen ... " Vorige vrijdag kon men in De Standaard een interview met Johan Vande Lanotte en John Crombez lezen over hun kritische kijk op het begrotingsbeleid, waarbij gelijktijdig met het rapport van de Hoge Raad van Financiën gefixeerd werd op het tekort van 6,1% van het BBP. In onderstaand betoog gaan we niet ontkennen dat er problemen zijn vandaag. Het structurele ingrijpen in de begroting is jammer genoeg eerder beperkt. Dixit onze federale begrotingsminister Vanhengel worden structurele ingrepen sowieso over de verkiezingen getild. Anderzijds mogen we ook niet zomaar ontkennen dat we een economische crisisperiode kenden de voorbije periode. "Het niet verregaand kunnen doorvoeren van een structureel stevig beleid in een periode van een slecht presterende economie, is niet wenselijk, en sowieso moeilijk te realiseren ... maar ... het niet willen invullen van een doordacht structureel beleid in een periode waar het economisch voor de wind gaat, is onverantwoord. " En dat wil deze tekst benadrukken. Het onverantwoord beleid van beide huidige senatoren in de paarse periode heeft nog steeds desastreuze gevolgen voor de begroting, maar men zegt daar niets over in het interview, men is dat blijkbaar vergeten. Nieuwsgierig? Werp dan een verdere blik op ... De zaak Alzheimer II ... met in de hoofdrollen Johan Vande Lanotte en John Crombez. In het interview klagen beide senatoren de goed nieuws show aan. "We doen het minder slecht dan verwacht, beter dan de buurlanden en de banken brengen meer op dan ze kosten." Men is duidelijk de jaarlijkse goednieuws shows vergeten die de paarse ploeg elk jaar opnieuw naar voor bracht bij de presentatie van de begrotingen in evenwicht. De paarse ploegleden waren de pioniers daarin. We weten nu wel beter. We tekenen in die periode afwijkingen op van maar liefst 1,4%. Ook zegt men dat de federale overheid niet zuinig is. Maar dan is men toch wel het volgende vergeten : In de periode 1999-2007 daalde de rentelast van 6,6% naar 3,8 % van het BBP. Een budgettaire marge van 2,8% werd niet gereserveerd voor de toekomst, maar werd volledig gespendeerd aan uitgaven en belastingverlagingen. Een gekende slagzin zegt nochtans, "wanneer het goed gaat spaar dan en reserveer voor wanneer het minder goed gaat". U weet wel, de krekel en de mier... Stel u voor dat we die marge hadden gereserveerd, om nu de crisis op te vangen. Velen hadden het toen gezegd, ook de HRF. Voorts hekelt men dat de begroting vooral een structurele problematiek kent, en dat men daar niets aan doet. Men laat het uitschijnen dat de huidige ploeg de laatste twee jaar, daarvoor de volle verantwoordelijkheid draagt. Welnu, ook hier is het gat in het geheugen groter dan het structureel gat in de begroting. De HRF toont dit in haar laatste advies ook aan, en zegt letterlijk : "De in dit advies uitgevoerde gedetailleerde analyse van de overheidsontvangsten en -uitgaven wijst ook op een verzwakking van de structurele begrotingstoestand van de federale overheid en de Sociale Zekerheid samen over de periode 2004-2009.[1]" Ook de cijfers uit het HRF rapport tonen het aan. Het structureel tekort evolueert van 1,3% BBP in 2004 tot 1,4% in 2007. Jaren achtereen een structureel tekort. U begrijpt het goed ... bovenop het volledig uitputten van de marge van de dalende rente-uitgaven, heeft men nog meer uitgegeven. Het huidig tekort van 20 miljard euro, waarvan volgens beide senatoren 7 miljard euro structureel is, en de rest hoofdzakelijk te wijten aan de crisis, bestaat dus voor bijna 5 miljard euro uit een structureel tekort veroorzaakt door de vorige paarse regeringen. Maar dit is men vergeten. En dan hebben we nog geen rekening gehouden met het stijgend effect op dit structureel tekort van maatregelen genomen tijdens het paarse bewind. Denken we aan de structurele weerslag van het Generatiepact, of meer specifiek de welvaartsaanpassing van de sociale uitkeringen, die vanaf 2007 op structurele wijze voorziet in de toekenning van extra budgetten, steeds maar aangroeiend, een 250 à 300 mio euro extra per jaar. Een ander punt van kritiek van beide senatoren betreft de onverschilligheid ten aanzien van de vergrijzingsproblematiek. Hier vergeet men dan toch de talloze adviezen die de Hoge Raad van Financiën al vanaf 2000 simuleerde en daarbij vooropstelde om vanaf 2005 een positief vorderingensaldo te bereiken van 1% van het BBP, later zelfs bijgesteld naar 1,5% van het BBP. Op die manier zou men het hoofd kunnen bieden aan de op ons afstormende vergrijzing. Elk jaar werd een actualisatie van deze beleidsaanbeveling doorgevoerd, en werd het urgent karakter ervan door de HRF benadrukt. Maar al die jaren werden die adviezen naast zich neergelegd. Nu grijpt men er gretig naar om oppositie te voeren. Men fixeert de kritiek tevens vooral op het federale niveau. Maar het tekort in 2009 van 6,1% bestaat voor 0,7% uit een tekort (en ook toename) voor de Gemeenschapen en de Gewesten en 0,2% voor de lokale besturen, waar bij beide de SPA wel vertegenwoordigd is. Was een belangrijke oorzaak van het extra tekort van 200 miljoen euro op Vlaams niveau eind 2009 niet vooral te verklaren door een strategisch ingeschatte onderraming van de lonen voor het onderwijs, een SPA bevoegdheid. En dan ... het Zilverfonds, het kind van Vandelanotte, met John Crombez in de raad van bestuur. Overschotten worden in het Fonds gestopt, om in de komende jaren de stijgende kosten van de vergrijzing op te vangen. Dit lijkt wel de positieve zijde van het verhaal van de krekel en de mier. Echter men vergeet te zeggen dat wanneer men uit het Zilverfonds zal putten ten eerste de schuld weer zal stijgen, en ten tweede de uitgaven die men doet begrotingsmatig aangerekend zullen moeten worden, en dus mee bepalend zullen zijn voor de berekening van het tekort of overschot dan. Trouwens, slechts wanneer de schuldgraad beneden de 60% zit mag het Fonds worden aangewend. Het zal dus nog niet voor vandaag zijn. Toch stellen we samen met het HRF vast dat de vergrijzingsuitgaven zich nu reeds beginnen te manifesteren. Ook de injecties in het Zilverfonds hebben al heel wat discussies uitgelokt. Overnames van pensioenfondsen betekenen immers ook overnames van de pensioenverplichtingen. Inzake de evolutie van de schuld wordt de huidige federale ploeg de levieten gelezen. Er wordt daarbij verwezen naar de heroïsche schuldafbouw tijdens de paarse jaren. Maar is dat terecht? Vergeet men daar ook niet de meer correcte versie te vertellen? De schuld per BBP is toen wel gedaald, maar in euro's is er nul euro schuld afgebouwd, integendeel, opgebouwd. Tot slot vergeten beide senatoren alternatieven aan te bieden. Hoe zouden zij het tekort wegwerken. Snijden in de 4,5% groeinorm gezondheidszorg? En wat als ze in 2011inbreken in de federale regering, zal dan deze kritiek zich alweer in de vergetelheid hebben genesteld? Oppositie voeren is geworden tot een kunst van communiceren.
[1] Hoge Raad van Financiën - afdeling Financieringsbehoeften van de overheid - Evaluatie 2008-2009 en begrotingstrajecten ter voorbereiding van het volgende stabiliteitsprogramma - januari 2010, blz. 13.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 30-03-2009
HET ‘GEESTIG’ MANIFEST../
Onlangs bracht Mathias De Clercq zijn “Pleidooi voor een liberaal offensief” uit.
De uiteenzetting op Ter Zake waarbij de hoop werd gekoesterd meer duiding te krijgen bij het begrip ‘liberaal offensief’, beperkte zich tot het steeds herhalen van woorden als ‘dijkbreuken’, ‘ijkpunten’ en ‘vuurtorens’, wat ons ertoe noopte het manifest dan maar eens zelf te lezen De geest van het manifest straalt een ongenaakbare overtuiging uit als zou de toekomst enkel en alleen maar liberaal kunnen zijn, en enkel het liberalisme goed. Al de rest moet dan maar slecht zijn, conservatief, verdorven.

Dat ‘goede’ liberalisme zou geen neoliberalisme zijn, maar eerder een soort van paars liberalisme, waarbij de auteur van het manifest een onverdroten bewondering uit voor Guy Verhofstadt. Laten we dan ook eerst eens nagaan waar dit goede liberalisme onder 8 jaar Verhofstadt toe heeft geleid. We noemen maar enkele zaken. De beruchte financieringswet van paars, die een ware geldstroom op gang heeft gebracht van de federale overheid naar de regio’s, in ruil voor een aantal beperkte bevoegdheden, heeft het grote structureel tekort waarmee de federale begroting nu te kampen heeft, mede veroorzaakt. De budgettaire marges die ontstonden door het dalen van de rentelasten, heeft men volledig uitgeput aan nieuwe paarse uitgaven. Had men deze marges gespaard dan hadden we nu sterker gestaan om het hoofd boven water te houden, en de vergrijzing aan te pakken. Op communautair vlak is er sinds 1999 één beperkte « staatshervorming » geweest met de Lambermont-akkoorden van 2001. Nooit is er werk gemaakt van een ernstige herverdeling van taken tussen het federale en het regionale niveau. Erger nog, paars zelf heeft de kieswetgeving veranderd en provinciale kieskringen geïnstalleerd, maar nooit de moed gehad het BHV probleem op te lossen. Inzake een betere corporate governance van beursgenoteerde bedrijven en een zekere transparantie in de toplonen van managers, waar vandaag in crisis om geroepen wordt, werd, ondanks aanbevelingen van de Europese Commissie sinds 2004, niets gedaan. Daaraan gekoppeld wordt de bankcommissie al jaren geleid door verschillende voormalige kabinetschefs van vice-premier Reynders. Hun liberale visie heeft hen zeker niet gestimuleerd in te grijpen in – of te waarschuwen voor – de megalomane overname van ABN Amro door FORTIS. Een verdere kritische blik op het manifest leert ons tevens dat we het niet eens kunnen zijn met de ideologische fundamenten die doorheen de hele tekst naar voor komen. Zo stelt het manifest dat de vrije markt niet in de fout ging in de huidige crisis, maar wel het gebrek aan controle om de vrije markt goed te laten functioneren. Het komt er op neer dat de overheid kansen moet creëren voor iedereen. Het individu kan deze kansen dan ongebreideld invullen. De rol van de overheid is daarbij beperkt tot het vrijwaren van die vrijheid voor iedereen. “Gelijke kansen” uit een liberale mond is echter niets meer dan een eufemisme. Dankzij het “gelijke kansen”beleid van voormalig Minister van Onderwijs Marleen Vanderpoorten kennen we nu het fenomeen schoolkamperen. En wat met die liberale eis voor koopzondagen, waarbij de kleine handelaars in het zand zullen moeten bijten omdat ze nooit tegen de mastodontwinkels op kunnen tornen? Inzake migratie pleit het manifest voor selectieve criteria. De survival of the fittest, dat is het liberale gelijke kansenbeleid. Trouwens: die "gelijke kansen" gelden blijkbaar vooral voor stamboomliberalen als het op lijstvorming aankomt. All animals are equal, but some are more equal than others...' Ons inziens draait het niet alleen om het hebben van kansen, maar ook de manier waarop je die invult. Hoe meer vrijheid … hoe meer controle … lijkt ons de vrijheid juist teniet te doen. Normen, waarden en deontologie moeten aanwezig zijn in onze maatschappij. Liberalen huiveren daarvan, maar wil men een controlestaat vermijden en de vrijheid vrijwaren, dan zit daar juist de oplossing. Een ander hoofdstuk uit het manifest dat ons opviel gaat over vrijwilligerswerk. Daarbij wordt het concept van ‘prosumeren’ ingevoerd, een samentrekking van de woorden produceren en consumeren. Letterlijk, ‘Het komt erop neer dat als persoon A één uur iets doet voor persoon B, persoon A dan een tegoed van één uur ontvangt, terwijl persoon B dan een schuld heeft van een uur. B kan dan het gras afrijden bij persoon C, en zo zijn schuld afbouwen. Persoon C kan dan een babysit houden voor persoon A, en zo staat iedereen weer op nul.’ Vrijwilligerswerk wordt zo afgedaan als het vereffenen van een schuld t.a.v. iemand anders, en is in dat opzicht totaal niet meer vrijblijvend, niet meer spontaan. Vrijwillig houdt nu net in dat het uit vrije wil gebeurt, zonder dat daartegenover iets dient te staan. Als Christendemocraten verzetten wij ons radicaal tegen een dergelijke economische visie op vrijwilligheid. Drijfveren zoals naastenliefde, medeleven, onvoorwaardelijke inzet bestaan wel degelijk, en moeten gekoesterd worden. Tot slot, maakt de favoriete bron van De Clercq, de Indische Nobelprijswinnaar voor Economie, Amartya Sen, brandhout van de notie collectieve identiteit. De samenleving zou niet om groepen draaien maar om het individu. Het enige wat deze individuen zou binden is een soort wereldburgerschap, het feit dat we allemaal mensen zijn met unieke rechten, mogelijkheden en eigenschappen. Volgens De Clercq bestaat in die zin de tegenstelling tussen links en rechts dan ook niet. Maar net het manifest zelf is doorspekt met de idee dat de ware tegenstelling die is tussen progressief en conservatief … . Het liberalisme is voluit progressief. Alle liberalen zijn progressief! De Christendemocraten zijn conservatief! Het lijkt ons dat dan plots de visie van Amartya Sen niet meer speelt, en een collectieve identiteit dan toch belangrijk is voor de liberaal. Trouwens, wat betekenen progressief en conservatief nog? Is opkomen voor minder belastingen nu conservatief of progressief? Is opkomen voor meer bevoegdheden voor Vlaanderen nu progressief of conservatief? Is het verdedigen van waarden in een samenleving waar zogezegd de waarden vervagen nu conservatief, of juist progressief? Het manifest is vooral theoretisch en heeft weinig voeling met de samenleving zelf. Een samenleving die steunt op haar mensen, haar groepen, haar verenigingen, haar vrijwilligers. Een samenleving waar arme drommels theoretisch misschien over gelijke kansen beschikken, maar deze in de feiten niet hebben. Een samenleving waar tegenstellingen zoals progressief en conservatief alleen maar conflictstof vormen. Dit manifest is niet van deze eeuw, en lijkt geschreven als door een geest die lang geleden jong was, en zijn ideeën van toen nooit meer aanpaste. Wij daarentegen omarmen wél onze eigen toekomst, en niet onze afkomst ... Stefaan De Vos, Jasper Delanoy, Lieven Demolder, Peter De Bouvere, Lieselot Bleyenberg, en Eva Parent, zijn allen Christendemocraten.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 03-03-2009
DE GEEST VAN MONTESQUIEU IS UIT DE FLES./ De crisis der machten. De crisis rond de scheiding der machten in het kader van de Fortis saga, noopt me er toe de pen ter hand te nemen en enkele gedachten neer te schrijven. Wie heeft niet in zijn prille jaren, als jong politicus, met De l’Esprit des Loix van Montesquieu (Over de Geest der Wetten) onder zijn hoofdkussen proberen de slaap te vatten. Wie heeft de teksten van Montesquieu en Rousseau niet verslonden in vroeger tijden. Tot men dan de stap in de echte politiek zet, en historische theoretische beschouwingen al snel vervagen in de werkelijkheid van alle dag. Het is dan ook een aangename verrassing nu plots Montesquieu opnieuw in alle krantenkoppen te zien verschijnen, over alle tongen op topniveau te horen rollen, ja zelfs ter discussie aan de toog opnieuw te zien opduiken. Het hoeft geen betoog dat de omstandigheden waarin Montesquieu zijn befaamde scheiding of spreiding der machten opstelde, intussen fel veranderd zijn. Ik mankeer dan ook enkele items in de discussie die welig tieren op menig blog, website en krant.
Il faut que le pouvoir arrête le pouvoir. Wat ik me vooral nog herinner van Montesquieu is niet zozeer de ‘scheiding’ der machten, maar eerder het belang van de ‘spreiding’ der machten. Vooral moet immers voorkomen worden dat alle macht in één persoon wordt gelegd, de toenmalige despoot, de koning. Daarom is het nodig de macht te spreiden.” Il faut que le pouvoir arrête le pouvoir”. Vermits men in die tijd daadwerkelijk met despoten geconfronteerd werd, diende men het volk een onafhankelijke plaats te geven, tegenover die despoot. Het principe van scheiding der machten staat ook niet expliciet in onze grondwet. Ook daar is er eerder sprake van een spreiding en samenwerking der machten. “De federale wetgevende macht wordt gezamenlijk uitgeoefend door de kamer van volksvertegenwoordigers (wetgevend), de Senaat (wetgevend)en de Koning (uitvoerend).” “De Koning (uitvoerend) benoemt de rechters (rechterlijk).” “Vonnissen en arresten (rechterlijk) worden ten uitvoer gelegd in de naam des Konings (uitvoerend).” Enkel de drie machten van weleer bekijken zou de lippen der realiteit doen krullen in een glimlach. Naast de Trias Politica (de drie klassieke machten) kennen we reeds decennia lang de zogenaamde schaduwmachten. Zo is er ten eerste de macht van de ambtenaren, doorgaans genoemd als de vierde macht, of ook bureaucratie. In principe voert een ambtenaar uit wat de politiek, beslist. Maar in realiteit ‘interpreteert’ de ambtenarij bij de uitvoering van de genomen politieke beslissingen. De ‘manier waarop’ beslissingen worden uitgevoerd kunnen enorm bepalend zijn. Bovendien heeft de ambtenarij vaak eigen gedelegeerde bevoegdheden. Ook omgekeerd, bij het opstellen van nieuw beleid is de inbreng van de ambtenarij vaak onontbeerlijk. Een onderzoek gedaan in Nederland in 2006 door het weekblad Intermediair toonde toen aan dat 11% van hoogopgeleide ambtenaren wel eens belangwekkende informatie heeft achtergehouden om besluitvorming te beïnvloeden. De vijfde macht, de media, is welgekend. Een oplossing in het Fortis conflict tussen wetgevende en rechterlijke macht kon gevonden worden door de commissie achter gesloten deuren te laten plaatsvinden, zodat geen verwikkeling tussen de parlementaire en rechterlijke procedures kan gebeuren. Maar men sloot dit al op voorhand uit omdat men ervan uitgaat dat er toch gelekt zal worden naar de media. Of met andere woorden, hoe de vierde macht bij de gehele discussie een belangrijke rol speelt. Mogen we vandaag zeggen dat een journalist eerder de geschiedenis creëert dan er verslag van geeft? Als zesde macht worden vaak externe adviesbureaus genoemd. Onderzoek, voorbereidend werk, eigenlijk taken, worden meer en meer door de overheid uitbesteed aan externe bureaus. Ook spelen onafhankelijke adviesbureaus op zich steeds een grotere rol. Wanneer je merkt welke ontzaglijke macht ratingbureaus vandaag in de financiële crisis hebben, weliswaar gecombineerd met de vijfde macht, de media, dan kan men er niet omheen dat de zesde macht een belangrijke rol speelt. Tot zover de officieel genoemde machten. Maar het gaat nog verder. Vandaag leven we niet meer in een parlementaire democratie, maar in een particratie. De zuilen der drie machten worden overkoepeld door de boog der partijen. De partijen bepalen wie parlementair wordt, wie minister wordt, en voor een groot deel ook wie rechter wordt. Dit is nefast voor het volk, die haar macht fel beknot ziet. Bijvoorbeeld, heeft persoon X op plaats X op de lijst meer stemmen dan persoon Y op plaats X+1 op de lijst, waarbij deze laatste nog net van de potstemmen kan genieten, dan wordt toch tegen de wil van het volk in deze laatste persoon Y parlementair. Bovendien worden de politieke partijen zelf dan weer gestuwd door tal van middenveldorganisaties, de economische wereld, belangengroepen, vakbonden, werkgevers, bedrijven, welzijnsorganisaties, scholen, de mondige burgergroeperingen, … Moest Montesquieu vandaag leven, en zijn werk neerschrijven, hij zou zich niet beperkt hebben tot de drie klassieke machten. Men kan vandaag niet omheen de vele schaduwmachten. Hoe verhouden al deze machten zich ten opzichte van elkaar? Wordt scheiding niet minder belangrijk als er meer spreiding is? Maar wat dan met het democratisch draagvlak van deze schaduwmachten? En wat met het overkoepelend gegeven van de particratie? Gecombineerd met het uitgebreide coalitiestelsel in België geeft dit toch een totaal andere invulling aan de spreiding der machten? De macht is door zoveel politieke partijen en kartel partners gebonden, dat ze ver af staat van die ene macht vereenzelvigd in de despoot van de jaren 1800. Het is dan ook hypocriet dat men nu plots het criterium van de scheiding der machten inroept terwijl er nood is aan een diepgaande discussie, evaluatie en geactualiseerde kijk van en ten aanzien van de scheiding en spreiding der machten. De scheiding als werkelijkheid van alle dag, Wanneer men zijn kijk dan toch zou beperken tot de drie klassieke machten in België, dan wordt vastgesteld dat … België op zijn grondvesten davert omdat men een vermoeden heeft van beïnvloeding van de rechterlijke door de uitvoerende macht in een concreet dossier … terwijl al decennia lang de uitvoerende macht, de wetgevende macht, op haar existentiële zijn zelf onderuit haalt, door zelf het gros van de wetten op te maken en het werk van de wetgevende macht vaak alleen nog maar bestaat uit vragen stellen. Soms bestaat er zelfs een zwijgplicht van de meerderheidsfractie, hetzij daadwerkelijk opgelegd, hetzij in de feiten, waarbij een parlementair niet te fel zal ingaan op de regeringsploeg, want hij riskeert de regering te kunnen doen vallen, en anderzijds, valt de regering, dan verliest ook vaak hij zijn zitje in het parlement. In de Verenigde Staten kent men dit probleem niet, de uitvoerende macht, de President, die zijn ministers kiest, wordt onafhankelijk verkozen, naast de wetgevende macht. Deze laatste is dan ook veel onafhankelijker en paradoxaal genoeg ‘machtiger’. Vaak is het zelfs zo dat de uitvoerende macht, de President met zijn regering, van een andere signatuur is dan de meerderheid in de wetgevende macht. Wij kunnen ons dit niet voorstellen, maar toch, zoals gezegd, paradoxaal genoeg, vergroot dit de macht van het Congres. Er bestaan ook andere systemen. In Zwitserland bijvoorbeeld wordt elke minister apart verkozen voor een vaste termijn. Zij blijven dus sowieso aan voor deze termijn. Men zou ook kunnen opteren voor een grondwettelijk regime van minderheidsregeringen. Een dergelijke regering moet zich dan in het Parlement verantwoorden zonder op voorhand de garantie te hebben dat dat slechts een formaliteit is. Het tegenovergestelde is in theorie ook een mogelijk model : alle partijen worden in de regering vertegenwoordigt waardoor het parlementaire spelletje van meerderheid tegen oppositie overbodig is. Een blik op het Amerikaanse systeem toont trouwens nog interessante pistes. In het huis van Afgevaardigden wordt je voor slechts twee jaar verkozen, maw men voert voortdurend campagne, en moet dan ook voortdurend presteren. De senatoren worden verkozen voor zes jaar, en kunnen het zich dan ook veroorloven iets steviger standpunten in te nemen. Er is geen binding in de tijd met de uitvoerende macht. Van het Amerikaans Congres wordt ook gezegd dat het een collegiale instelling is. De leden zetelen dankzij hun lokale of regionale, electorale basis, en niet dankzij de nationale partijtop. De nationale partijdiscipline is er eerder laag. De rol van de partij is veel beperkter. In Groot-Brittanië beperkt men de invloed van de partij op de kandidaten door maar één zetel, per district te voorzien. … vorige week even in de kranten werd vermeld dat een rechter had geoordeeld dat 160 kilometer per uur mag, omdat het in Duitsland ook mag. Een rechter mag echter maar recht spreken binnen de contouren die de wetgevende macht uittekent, en daarin is de maximumsnelheid bepaald. Van deze flagrante inbreuk op het principe van scheiding der machten werd echter geen punt gemaakt … in Europa, die de Westerse waarden van de democratie de wereld wil verkondigen, het Europees Parlement zelfs de bevoegdheid niet heeft om wetten te initiëren, dit komt immers toe aan de Europese Commissie, met andere woorden, de uitvoerende macht. En nooit heeft België voor deze immense aantastingen der scheiding der wetten, op zijn grondvesten gedaverd. Opnieuw, het is hypocriet vandaag de scheiding der machten in te roepen, en luid te declameren dat het grondbeginsel van onze democratie is aangetast. Bovendien hebben alle betrokken partijen andere belangen bij het handhaven van een Fortiscommissie, de scheiding der machten is slechts een schaamlap : - de PS wil Didier Reynders laten vallen - de oppositie wil de regering laten valen - CD&V wil de eigen mensen niet laten vallen
- de politieke rechterlijke wereld wil het vel van sommigen uit de politieke wereld
Maar, zei Maximilien de Robespierre, in de turbulente tijd van de Franse Revolutie, waar de scheiding der machten realiteit werd, toen ook niet : “Alleen zij die de moed hebben u de waarheid te zeggen, wanneer hun persoonlijk belang eist dat zij anders zouden spreken, zijn het waard uw leiders ten zijn."
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 13-02-2009
Het tekort in de begroting bereikt intussen proporties waarvan niemand had gedacht dat deze zich nog ooit zouden kunnen manifesteren … het de voorbije jaren als acuut aanziend probleem van de vergrijzing lijkt een immens verder aangroeiende wervelstorm waartegen niets meer kan gedaan worden … de toekomst van de komende generatie ziet er desastreus uit … Maar toch één lichtpunt in Oost-Vlaanderen – lichtpunt? – eerder een baken, een baken voor de toekomst … de lijst voor de Vlaamse verkiezingen…
Het resultaat is nooit gezien de voorbije 30 jaar, en waarschijnlijk ook de komende 30 jaar … Maar liefst 5 van de 9 plaatsen op de modellijst worden ingenomen door jongCD&V’ers. We hebben de 3de plaats, de 5de, de 6de, de 7de, en de eerste opvolger. Binnen de eerste 10 effectieve plaatsen staan maar liefst 7 JongCD&V’ers : we hebben immers ook nog de 8ste, de 9de en de 10de plaats. Nooit gezien! De switch naar de toekomst is gezet. Dank aan allen die meehielpen dit schitterende resultaat te bereiken.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 26-11-2008
Zeven panelleden op een klein podium, en dan maar discuteren over drugs en jongeren, euthanasie bij jongeren, jeugd en vereniging, en jongeren en criminaliteit. De diverse thema’s en het grote aantal panelleden noopten er vooral toe basisstandpunten te verkondigen en af en toe een korte discussie te hebben over één of ander punt. Wat opviel : zowel NVA, als Jong Gezond Verstand (LDD) nemen alleen maar persoonlijke standpunten in over ethische thema’s. Merkwaardig dat men hierover geen partijstandpunten heeft … of durft in te nemen. Maar een hoogtepunt was toch wanneer het publiek vragen mocht stellen, en men de vertegenwoordiger van Vlaams Belang viseerde over euthanasie. De vraag kwam hierop neer : wat geeft u het recht de vrijheid van een persoon te beknotten (Vlaams Belang is tegen euthanasie). De vraag werd uit linkse hoek gesteld, maar spoedig door J-J De Gucht duidelijker geformuleerd. Logisch, vanuit Open-VLD perspectief, vrijheid van individu is de basis van hun ideeën. De ode aan de vrijheid van het individu vanuit een socialistische ooghoek is soms minder begrijpelijk, maar wel mogelijk want de euthanasiewet is een paars-groene wet. Nu, Vlaams Belang kon er maar niet uit. Nochthans is een antwoord niet zo moeilijk. Men kon een dergelijke vraag makkelijk pareren door er op te wijzen dat de vrijheid van het individu niet onbeperkt is. In alles moet men rekening houden met de mens en de mens tussen de mensen. Wordt trouwens dat ongebreideld vrijheidsdenken niet ontkracht juist door die ongebreideldheid zelf? Immers zal het wel voorkomen dat zieke mensen, telkens weer hun familie en vrienden rond hun bed zien scharen, en op een gegeven moment een druk zullen voelen om effectief tot euthanasie over te gaan, al was het maar om hun naasten meer leed te besparen. Dit heeft niets te maken met pijn van het individu zelf, het is eerder een soort altruïstische druk die uit het doorgedreven vrijheidsdenken vloeit, wat dan ook niets meer met vrijheid te maken heeft. Om de vrijheid van het individu te beschermen zou men in dit geval juist de mogelijkheden tot euthanasie moeten beperken. Zoals altijd is een goed evenwicht nodig, CD&V staat daar voor : euthanasie kan, maar enkel in noodsituaties. Maar dit dan weer enkel wanneer het care-aspect (staat tov het cure-aspect), meer specifiek de palliatieve zorg, een serieuze boost krijgt. Het was een uitdaging, zeker als je geperst tegen Tobback zit, maar afgaand op diverse positieve reacties nadien, durf ik te zeggen dat het goed is meegevallen.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 01-07-2008
De peiling van de VRT en de Standaard van vrijdag laatstleden bevestigt de redenering in voorgaand bericht. CD&V/N-VA daalt met 3,5 procent t.o.v. de verkiezingen van 10 juni, en komt op 26,7%. Open Vld stijgt met 2 procent t.o.v. de de verkiezingen van 10 juni, en komt op 21,1%. De liberalen concentreren zich op het idee van goed bestuur en houden zich zo goed overeind in deze bijna crisisperiode.
CD&V/N-VA concentreert zich enkel op de staatshervorming en betaalt de rekening van de aankomende crisis.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 19-06-2008
| "Een bedenking van mijn kant uit, opgeworpen op het Politiek Bestuur ..." |
Wanneer men de kranten de voorbije weken opensloeg, of het nieuws volgde, dan viel duidelijk op dat de liberalen zich bijna niet uiten over de staatshervorming, maar integendeel eerder de socio-economische thema's bespelen, en het concept van goed bestuur naar zich toe trachten te trekken. Anderhalve week geleden bijvoorbeeld kwam uit het congres van de liberalen zomaar even een voorstel tot aanpak van de vergrijzing rollen : "Beperk de gezondheidsuitgaven tot 2,8%, en gebruik de budgetaire marges die je daardoor creëert om reserves aan te leggen om vanaf 2015 de stijgende uitgaven omwille van de vergrijzing op te vangen." Niet alleen is dit plots een statement die schril afsteekt tegen de alomtegenwoordige staatshervormingsdiscussie, maar meer nog, eigenlijk is dit één van de weinige keren dat een politieke partij dit jaar naar buiten komt met een voorstel tot besparing om elders een probleem te kunnen aanpakken. 'Goed vaderschap', 'goed bestuur', daar komt het op neer. We zullen moeten besparen om minstens de begroting in evenwicht te krijgen, wie durft het zeggen? ... De liberalen zeggen het! Ook al klopt het niet. Volgens het Europees Systeem van Nationale Rekeningen immers moeten de uitgaven die je opspaart en later uitgeeft, in die jaren ook aangerekend worden op de begroting. Hoe zullen we ze dan daar opvangen? Zullen we dan tekorten creëren? Kasmatig kunnen we reserves aanleggen, maar we zullen deze uitgaven ook in de begrotingsnormering van die jaren moeten kunnen inpassen. Maar dit doet even niet terzake. Ook het feit dat dit 'idee' in het federaal regeerakkoord staat, en dus eigenlijk als 'idee 'al beslist was, en dus niet zomaar door één van de regeringspartijen enige tijd later op een congres als 'idee' geclaimd kan worden, doet even niets terzake. En herinner u, even daarvoor nog, de liberalen kwamen met een heus plan voor lastenverrlaging op de proppen. Geen spelletjes meer, maar concreet iets doen aan de noden van de mensen werd er in de media breed gebriefd. Laat ons vooruitgaan, zeiden de liberalen, en ons niet langer bezig houden met oeverloze discussies die niets opbrengen. Goed vaderschap, goed bestuur, het lijkt er meer en meer op dat de liberalen het claimen.! Of ze het daarbij menen is iets anders. Het vermoeden is sterk dat deze hele beweging uit liberale hoek een berekende strategie is om het volgens hun overtuiging zinkend communautaire schip nog snel via een roeibootje van 'verantwoordelijkheid opnemen naar de mensen toe' te verlaten. Want waar liggen de mensen van wakker? Van hun toekomst, van hun pensioen, van hun koopkracht, ... , niet van een staatshervorming. Tegelijkertijd met het liberaal congres van anderhalve week geleden verscherpte CD&V haar communautair standpunt in Plopsaland op de jaarlijkse CD&V Gezinsdag. En terecht … een staatshervorming is nodig om die sociale en economische hefbomen in handen te hebben om goed bestuur te kunnen organiseren. Waar de liberalen al vanuit gaan, is nog lang niet via de huidige constellatie mogelijk. Maar leg dat maar eens uit aan de publieke opinie. Is het dan niet strategisch gevaarlijk voor CD&V om haar 'running mate' van 'staatshervomring', met name 'goed bestuur' - welke trouwens beiden onlosmakelijk met elkaar verweven zijn - te weinig te benadrukken? Erger nog, het concept aan de liberalen over te laten?
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 28-09-2007
Mensenkennis, de ware gezellin in de politiek, ... verlaat nooit haar pad.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 07-09-2007
De verkenner ... kwam, ... zag, ... en overwon, de onmiddellijke drang om terug naar huis te keren.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 03-09-2007
Eindelijk! De Kerk heeft de weg van de 21ste eeuw gevonden. Gisteren immers heeft Paus Benedictus XVI de jonge katholieken opgeroepen het voortouw te nemen in de strijd voor het behoud van de aarde en haar natuurlijke rijkdommen. Volgens de paus wordt de planeet door ontwikkelingen die slecht zijn voor het milieu bedreigd met onherstelbaar verval. Zo heeft het Vaticaan zich onlangs aangesloten bij een project voor herbebossing dat het terugbrengen van de CO2-uitstoot als doel heeft. Gisteren kregen de deelnemers aan het door de Italiaanse bisschoppenconferentie georganiseerde festival tevens afbreekbare borden, gerecycleerde afvalzakken en een milieuvriendelijke telefoonoplader uitgereikt. Mijn inziens slaat Benedictus hier de spijker op de kop. De mens van de 21ste eeuw is op zoek naar rust en zingeving, om aan het hectisch bestaan van alledag, af en toe eens te kunnen ontsnappen. Een symbiose van religie, muziek en milieu kunnen daaraan ideaal tegemoet komen. Wie vlucht niet eens graag weg in zijn favoriete muziek? Wie vlucht niet eens graag de natuur in? Voeg deze beide recepten van rust en zingeving toe aan de religie, en je hebt het begin van een revival voor de Kerk. Een preek op zondag over de christelijke plicht tot het plaatsen van zonnepanelen, gecombineerd met een optreden van een plaatselijk bekend rockbandje tijdens de homilie, zie ik als een nodige verademing voor de Kerk. Maar een revival zal maar echt kunnen wanneer die ene noodzakelijke voorwaarde wordt vervuld : het priesterambt openstellen voor vrouwen. Wij geven wel af op de islam, dat ze mannen en vrouwen niet gelijk behandelen, maar blijkbaar vergeten we dat de katholiek in deze ook niet volledig correct handelt.. Kortom, de ingrediënten voor een revival van de Kerk : vrouwen, natuur/milieu en muziek. Het milieu is een begin…
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 30-08-2007
Het is crisis in politiek België. De democratie heeft de kaarten gelegd, maar gezorgd voor een impasse. Schiet het democratisch bestel tekort? In de oudheid bijlange niet. Toen voorzagen de democratische principes de aanstelling van een dictator, om orde op zaken te stellen, tijdelijk natuurlijk. De democratie van vandaag laat dit niet toe. Nochtans zou het niet slecht zijn indien de media zich eens drie weken stilhield. “Dat de media zich eens drie weken stilhoudt, en er is een nieuwe regering” … is dit een te boude uitspraak? Nochtans, enkele grepen uit de kranten van deze week : "Straks moeten politici zoals in Rusland met gordijnen aan hun wagen rondrijden om nog enige privacy te hebben", zo liet een zichzelf "verbijsterd" noemende Jean-Luc Dehaene weten, nadat fotografen bijzonder scherpe foto's genomen hadden van de oud-premier met een document op schoot op het ogenblik dat diens wagen het hek van kasteel Belvédère binnenreed. “Opiniepeilers laten weten dat het idee van een onafhankelijk Vlaanderen of een fusie met Nederland aan kracht wint. Onderzoeker Tim Reeskens heeft ernstige bedenkingen bij deze ad hoc-pielingen. Volgens een iVox peiling in opdracht van Het Nieuwsblad is ongeveer 40 procent van de Vlamingen gewonnen voor een onafhankelijk Vlaanderen; een peiling in opdracht van Het Nieuws op VTM ging mee in dit opbod en klokte af op 46 procent. In de gehele reeks van cijfers waarmee we de afgelopen dagen rond de oren zijn geslagen is de poll van het Nederlandse RTL ook opmerkelijk: 85 procent van onze noorderburen ziet een sterkere samenwerking wel zitten, en zelfs meer dan 60 procent is zowaar van mening dat een samensmelting van Vlaanderen en Nederland goed zou zijn voor beide regio's. Toch moeten deze cijfers grondig genuanceerd worden. Een crisissituatie zorgt nu eenmaal voor vreemde kronkels in opiniepeilingen en dan zwijgen we nog over de correctheid van de methodologie. In meer betrouwbare opinieonderzoeken, zoals bijvoorbeeld het Ispo-onderzoek van 1999 van de KU Leuven, is de vraag naar de gewenste Belgische staatsstructuur een vast item. Grondig onderzoek van Jaak Billiet en collega's naar dit item heeft meermaals aangetoond dat gemiddeld genomen niet meer dan 15 procent van de Vlamingen het separatisme genegen is, in het onderzoek van 1999 is dit slechts 11 procent. “ (herinner u ook de peilingen vlak voor de federale verkiezingen 2007, die er uiteindelijk serieus naast zaten). of nog, maar anders … “Zij (=: de ministers van staat) schatten de toestand als «onrustwekkend» in en zijn bijzonder scherp voor de manier waarop de huidige generatie politici de voorbije weken heeft onderhandeld op Hertoginnedal. «Vertrouwelijkheid is vaak ver weg. Indiscreties en lekken bezwaren de gesprekken en de slaagkansen», zeggen ze.” Het moet dus van twee kanten komen, maar de inhaligheid van de journalisten om zelf de geschiedenis van België te schrijven is in de drie passages de rode draad. Men moet meer fatsoen aan de dag leggen. Laat de onderhandelaars rustig een regering vormen, en laat de media zich op het dan voorgelegde regeerakkoord werpen, dan kan men eens een inhoudelijke discussie voeren. De deontologie van de journalist zou beter ook een onderwerp van het regeerakkoord zijn.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 20-08-2007
Elke morgen vol verlangen, ziet de maan, de zon net niet.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 20-08-2007
Men noemt Churchill een groot man, hij heeft geschiedenis geschreven. Maar hij was vooral een opportunist. Hij was een overloper, eerst van de katholieken naar de liberalen, en nadien van de liberalen naar de katholieken, steeds wanneer hetzij de liberalen, hetzij de katholieken de regering in handen hadden. Opportunisme, het kleinste in de mens. Men noemnt Churchill een geniaal militair strateeg. Een Napoleon van de 20ste eeuw. Maar bij zij strategie om de Duitsers in de eerste wereldoorlog te slim af te zijn , vergat hij zomaar even dat deze Duitsers naast land en zeemacht, ook een luchtmacht hadden, wat fataal afliep voor de Engelse oorlogsvloot. Toch geen strategische fout waarvoor je de ogen kan sluiten. Men roemt Chruchill als een politiek machtig persoon. Maar tijdens de tweede wereldoorlog moest hij de duimen leggen voor Roosevelt en Stalin, en kon hij zijn eigen doelstelling, de vernietiging van het communisme, niet bereiken. Waarom heb ik bewondering voor Churchill? Hij zei ooit : "Politiek is als oorlog voeren, waarbij je meerdere keren kan sneuvelen." Een spreuk ... en een man ... naar mijn hart.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 30-07-2007
Uit het weekboek van jongCD&V nationaal (zie www.jongcdenv.be) - zondag. Onderstaande visietekst werd gepubliceerd in De Morgen het voorbije weekend (28-29 juli, blz. 16).. Vandaag 30 juli stond een opiniestuk van Noël Slangen in De Morgen, ook over de opkomstplicht … toeval? De voorbije weken werd al heel wat gediscuteerd over het eventueel afschaffen van de opkomstplicht. In de sinds gisteren bekendgemaakte formateursnota staat nu dat er een debat zal komen over de opkomstplicht. Tijd dus om een pleidooi te houden voor een zo belangrijk democratisch en burgerlijk beginsel. Eerste argument. Alleen het behoud van de opkomstplicht kan de vrijheid van het individu bestendigen. Een studie uit 2001 ontstaan onder de vleugels van de Politieke Vernieuwing van Kamer en Senaat, in het leven geroepen door Guy Verhofstadt ontkracht reeds onmiddellijk de eerder liberale stelling dat de afschaffing van de opkomstplicht de vrijheid van het individu zou bevorderen. Afschaffen van de opkomstplicht zou de opkomst doen dalen met 10 à 20%. Vooral lager geschoolden en lagere statusgroepen, zouden afhaken. Vooral mensen die minder betrokken zijn bij het gehele maatschappelijke gebeuren zouden afhaken. Het al of niet gaan stemmen wordt vooral bepaald door verschillende sociologische gegevens, zoals scholing, politieke interesse en kennis, actief lidmaatschap van een vereniging. Wanneer sociologische factoren je keuze bepalen, kan hier bezwaarlijk gesproken worden van het bevorderen van de vrije keuze. We hebben het discrimineren van stemrecht op basis van rijkdom en aanzien, en op basis van geslacht kunnen teniet doen, laten we nu niet de fout maken het stemrecht te discrimineren op basis van kennis en sociologische factoren. Tweede argument. Niemand is vrij van verplichtingen ten aanzien van de maatschappij waarin hij leeft. Rousseau zag de samenleving als een sociaal contract. Nadien brak de Franse Revolutie los, en de burgermaatschappij die daaruit voortsproot, stoelde zich in globale termen op dit principe. De burger betaalt belastingen, en krijgt daarvoor in ruil veiligheid en zekerheid. De jonge burger is verplicht naar school te gaan, en krijgt in ruil kennis en een erkend diploma. De burger is verplicht te kiezen, en krijgt in ruil een politieke vertegenwoordiging van zijn gedachtegoed. Omgekeerd, geen plicht, dan ook geen recht. Ga je niet stemmen, dan heb je nadien ook niet het recht te klagen indien het beleid niets voor jou doet. Plichten en rechten, het één kan niet zonder het ander. Samen vormen ze onze burgermaatschappij. Het doorbreken van dit evenwicht vergt dan ook een ruimere discussie. Waarom schaft men ook niet tegelijkertijd de schoolplicht af, of de plicht tot het kennen van het Nederlands indien men in aanmerking wil komen voor een sociale woning? Men mag zich niet blindstaren op de afschaffing van de opkomstplicht, maar moet het ruimere geheel voor ogen zien. Derde argument : het behoud van de opkomstplicht vormt een tegengewicht tegen het steeds maar verder uitdeinend individualisme. In de discussie over de opkomstplicht gaat het niet enkel over het afschaffen van een plicht, maar ook over de creatie van een bijkomend recht : het recht om niet te gaan stemmen, het recht om aan een democratisch basisbeginsel niet deel te nemen. De einzelganger, de individualist en de cherry picker worden op hun wenken bediend. Je gaat enkel nog stemmen wanneer het je uitkomt en wanneer je er zelf belang bij hebt. Nu kan je ook blanco stemmen, maar je moet er tenminste even over nadenken, je zal tenminste even nadenken over hoe het er aan toegaat in onze samenleving, hoe jij je daarin positioneert, en dan je keuze maken. Denk hoe moeilijk het is groene en sociale accenten in onze neoliberale economie te leggen. Laten wij maatschappelijk accenten tout court niet zomaar te grabbel gooien. Concluderend pleiten wij als jonge garde sterk voor het behoud van de opkomstplicht ter verdediging van de sociaal zwakkere, ter verdediging van een rechten-plichten discours, en ter verdediging van een echte burgermaatschappij. We dringen er dan ook sterk op aan bij onze CD&V-NVAonderhandelaars, dat zij deze steunbeer van onze democratie niet in een koehandel laten varen. Stefaan De Vos, Peter Van Rompuy, Dominiek Masschelein, Miek Peeters, Bart Ooghe, Ruben Lemmens, zijn allen JongCD&V’ers.
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 26-07-2007
Uit het weekboek van jongCD&V nationaal (zie www.jongcdenv.be) - woensdag Een jongeman loopt in het park, niets vermoedend een deuntje fluitend. Plots duikt vanachter een boom een man in lange zwarte mantel en deukhoed op. Rond zijn bovenarm is een opvallend rood lint gespannen, met daarop een grote zwarte S. Aan zijn zij hangt zowaar een korte knuppel. De dunne lippen in zijn verweerd gezicht staan levenloos op elkaar geklemd, zijn kille ogen klampen zich vast aan de jongeman als willen ze het leven uit hem wegzuigen. Trekkend met zijn ene been, komt de man gevaarlijk dichtbij. ‘Sabampolitie’ rochelt hij met een rauwe stem, ‘mag ik uw sabambewijs zien?’ ‘Hoe bedoelt u?’ stamelt de jongeman. ‘U floot daarnet de intro van Bohemian Rhapsody van Queen . U moet daarvoor ‘betalen’! Een park is een ‘publieke ruimte’, snerpt de stem, nu veel grilliger en hoger. ‘Ik, ik weet niet … denk het niet,… maar ik floot alleen maar …’ ‘Geen bewijs … dan heb je prijs’, roept de man nu luid en blaast plots kort op een fluitje. Twee mannen gehuld in zwarte mantel en deukhoed op, met rond hun rechterbovenarm eenzelfde rood lint met zwarte S erop, komen als uit het niets, en storten zich op de jongeman, die al snel overmeesterd en afgevoerd wordt. ‘Alweer één die we niet meer terug zullen zien’ zucht een oudere dame, die achter een grote heester in volle bloei, alles had gadegeslagen. Zal onze toekomst er zo uitzien? We gaan alvast aardig die richting uit. Spontaniteit is nog moeilijk te vinden in onze samenleving. Neem nu Sabam, enige tijd geleden polste ik eens bij Sabam, of je ook dient te betalen indien je gewoon op straat met je eigen gitaar wat muziek wil maken, straatmuzikant dus. Sabam antwoordde doodleuk, “neen, we laten dit voorlopig nog toe.” Wat een onbeschaamdheid, wat een gedachte dat men zo met onze spontaniteit kan spelen. De problematiek is uiteraard ruimer dan Sabam. Globaal zie ik een drietal oorzaken die spontaniteit aan banden leggen. Maar vooreerst, wanneer ik praat over spontaniteit, dan heb ik het niet over de zware ideologische thematiek rond bijvoorbeeld de sociale zekerheid. Sociale zekerheid is een verplichte solidariteit, niet veel mensen werken en betalen graag uit vrije wil om de werkloosheidsuitkering van een ander te betalen. Moest de sociale zekerheid niet verplicht zijn, maar stoelen op spontane solidariteit, er zou er geen zijn. Ik heb het ook niet over de individualistische koers die de wereld verder opgaat, louter door de evolutie zelf (vermits nu iedereen een vaatwasmachine heeft, gaat de eerste strofe van Mia (Gorki) nu ook niet meer op). Deze thema’s kan je ook catalogeren onder spontaniteit. Maar ik wil het hier eerder hebben over die kleine dingen die toch ook zo belangrijk zijn. De eerste is de overregulering. Wanneer je iets wil organiseren moet je al een volleerde kenner zijn van juridische en administratieve rompslomp, of je komt er niet. Sabam, billijke vergoeding, vergunning om een affiche te hangen, vergunning om een kraampje te mogen plaatsen. Ken je al het verhaal van de stoffen zetel in een jeugdhuis? … geen stoffen zetels, geen posters of linten of schilderijtjes .. de brandweerreglementering verbiedt het. Het is terecht dat we over de veiligheid van onze kinderen waken, maar waar ligt de grens, en waar gaan we erover? Je mag niet meer vrij kamperen. De bossen zijn afgezet, of de paadjes die erin lopen. Ik weet het, kijk naar de Gentse feesten, men laat de mens eens los, en hij laat tonnen afval achter. Maar toch, waar ligt de grens. De tweede is de prestatiedruk. In het onderwijs kies je best die richting die het best aansluit op de arbeidsmarkt. Spontaan kiezen wat je interesseert, wordt afgeraden. In de sportwereld rijdt het rond met opgefokte goden die onmenselijke inspanningen moeten doen om het publiek te bekoren. Waar is de spontaniteit in de sport naar toe, het zuiver sportieve? De derde is de media. Men heeft het al vaak gezegd, de politieke fut is uit het parlement, het debat is weg, de redevoering, de discussie. De spontane manier van redetwisten met argumenten moet het hoofd bieden aan gemaakte en gestructureerde showmomenten voor de camera. Tegenwoordig moet je meer aan mediatraining doen, dan je inhoudelijke kennis opvijzelen. TV debatten gaan tegenwoordig echt te ver. Men laat je niet meer uitspreken, men maakt een diepgaande discussie onmogelijk. Men tracht je steeds maar te duwen in die richting waarin je iets zou kunnen zeggen wat door de publieke opinie ervaren wordt als iets wat je niet zou mogen zeggen. En jijzelf moet dit de hele tijd trachten tegen te gaan. Het keurslijf van regels, prestatiedruk en media, beneemt de wereld de adem Het lijken kleine dingen, maar wat als binnenkort de straatmuzikant verdwijnt, geschiedenis niet meer in het lessenpakket voorkomt, en Daerden premier wordt? We zouden moeten revolteren en rebelleren tegen de hippies van weleer. Maar, waar is de spontaniteit van de jonge generatie. Loopt zij enkel mee met witte marsen wanneer deze overhyped worden door de media? Past zij haar tred aan aan prestatiedrang? Kijkt zij liever TV dan maatschappelijk actief te zijn? Wanneer zal onze spontaniteit terugkomen? …wanneer de bom ooit barst. Wanneer zal de bom ooit barsten? … ‘Weet ik veel’, snauwt de man in lange zwarte mantel en deukhoed op, met rond zijn bovenarm een opvallend rood lint gespannen, met daarop een grote zwarte S, en aan zijn zij zowaar een korte knuppel. Stefaan
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 24-07-2007
Uit het weekboek van jongCD&V Nationaal (zie www.jongcdenv.be) - maandag
Wanneer ik vannacht de geborgenheid en warmte van t’ouderlijk huis mijner vriendin verliet, en door de uitlopers van de westhoek passeerde, door regen en noorderwinden, keerde ik om den tijd, want den oorlog vond ik hier weer. ’t Graf van duizenden soldaten, miljoenen gesneuveld, honderduizenden nooit teruggevonden. Dat waren grote verhalen. Nu discuteren we over de hoegrootheid van boetes voor wildplassers, over al dan niet moeten gaan stemmen, over kunstwerk in krotten…. De grote verhalen, waar zijn ze naartoe?
Wanneer ik dan de grens met Oost-Vlaanderen passeer, denk ik plots aan Gentse stede (en zijn vele katers…van de Gentse Feesten), Gent studentenstad, studentenvertegenwoordiging, jammer genoeg zo links, en dan echt links : communisten, marxisten, trotskisten, domineren de officiële arm van de studenten. Vooral, maar niet enkel in Gent, ook op Vlaams topniveau is dit zo. Lees de opinieteksten van VVS, Vlaamse Vereniging voor Studenten er eens op na, en je merkt onmiddellijk het sterk linkse karakter. Een zeskoppig team verdedigt de studentenbelangen op Vlaams niveau bij parlementairen en ministers. De drie ‘echte’ kapiteins met een sterk christendemocratisch gehalte, zijn opgestapt. Het schip vaart nu stuurloos verder, in extreem linkse wateren. Petje af voor zij die het roer een tijd in handen konden houden, en degelijk bestuur (lees christendemocratisch) ook daar konden doen gelden.
Wij als christendemocraten, hebben een politieke partij, wij zitten verweven in bijna elk segment van het middenveld, onderwijs, welzijn, boeren, zelfstandigen .. moeten we dan ook niet trachten een christendemocratische klemtoon in het studentenleven te krijgen.
We hebben onze christdendemocratische studentenbewegingen. Maar ten eerste hoe sterk leunen zij aan bij onze JONGCD&V-beweging, en ten tweede hoe ver zitten zij verweven in de effectieve studentenvertegenwoordiging? Laat staan op Vlaams niveau?
We moeten niet vies zijn van de grote verhalen, er niet vies van zijn om de christendemocratische ideologie meer te willen laten doordrukken in ‘t studentenleven. De communisten hebben de studenten in hun greep, maar zijn maatschappelijk verwaarloosbaar. Wij zijn maatschappelijk enorm relevant, maar hebben geen relatief belangrijke arm in het studentenleven. Een contradictie waaraan we moeten werken.
De Christendemocratische Studentenbeweging mag mijn inziens niet enkel een zoveelste studentenvereniging zijn, maar moet meer actief worden naar effectieve studentenvertegenwoordiging toe. En vanuit JONGCD&V moeten we dit steunen, aanmoedigen, activeren. De christendemocratische banden moeten worden aangescherpt, de wisselwerking tussen JONGCD&V en de christendemocratische studentenvereniging moet veel groter en ruimer zijn, en de doelstellingen van de christendemocratische studentenverenigingen moeten strategisch bekeken worden.
In Oost-Vlaanderen hebben we de laatste maanden een serieuze investering gedaan, alle JONGCD&V’ers die studeren opgelijst, gecontacteerd, met een resultaat waar we trots op zijn, een kerngroep van een tiental man is op de been gebracht, allen JONGCD&V’ers, die vanaf eind september erin zullen vliegen. Het begin van een groot verhaal …
Stefaan
Algemeen
Gepost door Stefaan
op 14-07-2007
Gepubliceerd in de Standaard van 13juli. Sinds de federale verkiezingen van ‘03 trokken we enkel in ‘05 niet naar het stemhokje. Halflege verkiezingsborden en een opvallende desinteresse bij de bevolking tijdens de laatste verkiezingscampagne zijn de onmiskenbare symptomen van een groeiende verkiezingsmoeheid. Resultaat: proefballonnetjes in de media om de federale en regionale verkiezingen te laten samenvallen. Samenvallende verkiezingen zijn voor ons, jonge christendemocraten, uitgesloten: no pasarán! Het samenvallen van federale en regionale verkiezingen veegt in één pennetrek haast alle Vlaamse verworvenheden weg. Wij zijn leden van een partij die de deelstaten meer verantwoordelijkheid wil toebedelen. Daarom menen wij dat elk bestuursniveau zijn beleid ook apart voor de kiezer moet verdedigen. Wanneer alle verkiezingen op één hoop worden gegooid, kan een niveau dat sterk presteerde de rekening krijgen voor een zwak presterend niveau, of omgekeerd. Toch delen wij de mening dat het huidige verkiezingsritme naar beneden moet. Enkel in periodes zonder verkiezingskoorts is er ruimte voor echte staats- en andere hervormingen. Als verkiezingen te snel op elkaar volgen, heerst de dagjespolitiek onafgebroken. Het is een vaststelling die ook in de bedrijfswereld geldt. De tirannie van de kwartaalresultaten voor beursgenoteerde ondernemingen lag mee aan de basis van het kunstmatig opfokken van de aandelenkoers van bijvoorbeeld L&H en Enron. Men keek niet verder dan het volgende kwartaal, met de gekende nefaste gevolgen voor de fundamenten van die bedrijven. Een bedrijf opnieuw gezond maken, vraagt wat geduld van de belegger. Een land hervormen, vraagt geduld van de kiezer. Een lange termijn beleid vereist verkiezingen op de lange termijn. Een hervorming kan snel beslist worden, maar de resultaten laten altijd wat op zich wachten. De regering Balkenende II nam aan het begin van haar legislatuur enkele moedige beslissingen en crashte onmiddellijk in de peilingen. Wanneer de resultaten enkele jaren later zichtbaar werden, werd het verlies in een half jaar haast geheel toegereden. Beeld u zich in dat er in ‘09 nog geen regionale verkiezingen zouden zijn. De staatshervorming zou nog veel diepgaander kunnen zijn en er zou nog politieke moed overblijven om ook op socio-economisch vlak een echte sprong vooruit te maken. CD&V wil meer bevoegdheden overhevelen naar Vlaanderen opdat Vlaanderen sneller zou kunnen inspelen op haar eigen specifieke noden: ‘small is beautiful’. Logischerwijze moeten we ook het politieke kader willen scheppen om die veranderingen mogelijk te maken. De stelling dat verkiezingen wel kunnen samenvallen wanneer het zwaartepunt in Vlaanderen ligt, is ook geen oplossing. Moet het federaal niveau dan geen verantwoording meer afleggen? Laten we toe dat één ophefmakende beslissing van het “kleine federale broertje” vlak voor de verkiezingen de beoordeling van het Vlaamse beleid bepaalt? En wat als het zwaartepunt nu eens in Europa kwam te liggen, telt Vlaanderen dan niet meer? Daarom is ons voorstel: aparte verkiezingen, maar dan kort na elkaar. Concreet: in 2014 houden we regionale verkiezingen in mei, Europese verkiezingen in juli, federale verkiezingen in september. In Frankrijk bleek duidelijk dat presidents- en parlementsverkiezingen niet noodzakelijk tot eenzelfde uitslag leiden, ook al verliep er slecht een maand tussen beide. Ook maken we van alle parlementen zogenaamde “legislatuurparlementen” waardoor vervroegde verkiezingen onmogelijk zijn, maar tussentijdse regeringswissels wel. Alle parlementen zijn voor vijf jaar verkozen (Europa hanteert nu immers een 5-jarige termijn) Meteen valt ook de druk op toppolitici weg om van bestuursniveau te wisselen. CD&V stelt dat het niet in een nieuwe regering stapt zonder staatshervorming. Aangezien samenvallende verkiezingen elke staatshervorming haast zinloos maken, lezen wij in deze stelling ook dat CD&V enkel in een nieuwe federale regering stapt indien de federale en regionale verkiezingen niet samenvallen. Bovendien staat CD&V voor een langetermijnpolitiek. Daarom pleiten wij voor aparte verkiezingen die kort na elkaar volgen. Het is de beste garantie voor de dubbele staatshervorming die we zo hard nodig hebben: een communautaire en een socio-economische. Peter Van Rompuy, Stefaan De Vos, Ruben Lemmens, Pieter-Jan Lijnen, Bart Ooghe, Allen JONGCD&V’ers
Algemeen
|
Mailbox
Links
|